Denk mee

 

Didactiek en kenniscreatie in relatie tot CGO

Via formatief interventieonderzoek (Engeström, 2008) wordt er getracht een antwoord te vinden op de volgende vraag; “Welke discrepantie is er tussen de onderwijspraktijk op de Stoas Hogeschool en de didactische CGO-uitgangspunten van de Stoas hogeschool leervisie?”

Formatief interventieonderzoek is een vorm van actie-onderzoek waarbij de fasen van expansive learning worden doorlopen. Dit interventieonderzoek is geanalyseerd via Development Work Research (DWR) gebaseerd op de Cultuur Historische Activiteiten Theorie (CHAT) (Engeström, 1996).

De interventiegroep bestond uit zes docenten en twee studenten van de Stoas hogeschool. De interventiegroep heeft zes veranderingsateliers bijgewoond evenredig verdeeld over vijf maanden. Tussentijds zijn de resultaten van de veranderingsateliers teruggekoppeld op twee interne studiedagen van Stoas Hogeschool.

Onderzoeksvragen

Uit het documentenonderzoek kwam naar voor dat de didactiek in de leervisie van Stoas Hogeschool summier beschreven is. De resultaten van de veranderingsateliers geven informatie over de beelden/belevingen van de docenten van de huidige en gewenste situatie. Ten slotte zijn er enkele dilemma’s en constateringen geformuleerd die gedurende dit formatief interventieonderzoek naar boven kwamen.

  • De docenten zijn op zoek naar de verschillende rollen die ze hebben binnen het nieuwe opleidingsmodel. Waar ligt het aan dat deze rollen onduidelijk zijn?
  • Er is geen geschreven visie op didactisch vlak. De docenten willen graag dat het fundament van de visie beschreven wordt, maar dat er naar eigen creativiteit op dit fundament verder gebouwd kan worden.
  • Docenten voelen zich verantwoordelijk voor de lessen. Maar in de visiedocumenten wordt vaak samen verantwoordelijk aangehaald. Wat betekent dit nu voor de didactiek?
  • Verschillende begrippen worden tijdens de veranderingsateliers gebruikt, maar de vraag is of de docenten alle begrippen eenduidig gebruiken en of de docenten er allemaal hetzelfde mee bedoelen.

Uiteindelijk wordt geconcludeerd dat verder onderzoek gewenst is.